Spring naar inhoud

Het bijzondere levensbegin van Hendrik: Everts of Jansen?

Wie in onze stamboom duikt, komt bij Henricus (Hendrik) voor een raadsel te staan. Was hij nu een Jansen of een Everts? En waarom lijken data in de oude boeken niet altijd te kloppen? Dankzij recent onderzoek in de kerkregisters van Sint-Odiliënberg en oude rechtbankstukken uit Roermond, kunnen we zijn verhaal nu reconstrueren. Het is een geschiedenis die zich afspeelt tegen de achtergrond van de Franse bezetting, armoede en een strijd om erkenning.

Een geboorte in de 'Beloken Tijd' (1799) 

Het leven van Hendrik begint in een turbulente periode. Hij wordt geboren op 3 mei 1799 in Sint-Odiliënberg. Limburg is op dat moment ingelijfd bij Frankrijk en de katholieke kerk wordt onderdrukt; priesters moeten onderduiken en kerken zijn vaak gesloten.

Dit verklaart meteen de chaos rondom zijn doop. In het doopboek van de parochie vinden we hem terug op de bladzijde van mei 1799. Maar wie goed leest, ziet iets vreemds. De pastoor noteerde in het Latijn: "Vandaag hier geboren en op 22 juli van dit jaar gedoopt". Er zat dus ruim tweeënhalve maand tussen zijn geboorte en zijn doop. In die tijd was dat levensgevaarlijk lang, maar waarschijnlijk durfden zijn ouders de straat niet op of was er geen priester beschikbaar. De pastoor heeft de doop later administratief 'teruggeplaatst' in mei, bij zijn geboortedatum.

De onwettige status en de verklaring van de moeder 

Bij zijn geboorte waren zijn ouders nog niet getrouwd. In het kerkregister staat kleine Hendrik dan ook te boek als "filius illegitimus" (onwettige zoon).

Zijn vader wordt wel genoemd, maar met een specifieke slag om de arm. De pastoor noteerde letterlijk: "Henricus filius illegitimus Theodori Jansen [ut] mater ait". Oftewel: Henricus is de onwettige zoon van Theodorus Jansen, 'zoals de moeder zegt'. De pastoor ging dus af op de verklaring van moeder Catharina Evers.

Pas drie jaar later, in 1802, treden zijn ouders officieel in het huwelijk. De pastoor pakt daarop het oude doopboek van 1799 erbij en krabbelt er een Latijnse notitie bij: "per subsequens matrimonium legitimatus est". Oftewel: door het latere huwelijk van zijn ouders is Hendrik alsnog gewettigd. Voor de kerk was de kous daarmee af en was hij een volwaardige 'Jansen'.

De strijd voor de rechtbank (1825) 

Toch bleven de papieren Hendrik achtervolgen. Toen hij in 1825 – inmiddels 26 jaar oud – zelf wilde trouwen, stuitte hij op een groot probleem: hij bestond officieel niet. Door de chaos in 1799 was zijn geboorte nooit aangegeven bij de Burgerlijke Stand van de gemeente.

Om dit op te lossen moest Hendrik naar de rechtbank in Roermond. Hij was, net als zijn moeder, dagloner en verkeerde in armoede ("behoeftige staat"), waardoor hij de procedure gratis mocht voeren. Hij moest met getuigen bewijzen wie hij was. In de rechtbankstukken, de zogeheten Akte van Bekendheid, zien we hoe hij door het leven ging. De rechter noemt hem: "Henricus Everts, zoogenaamd Janssens".

Conclusie 

Hendrik leefde dus met een dubbele identiteit. Voor de wet droeg hij de achternaam van zijn moeder (Everts), omdat zijn vader hem bij de geboorte niet wettelijk had erkend bij de gemeente. Maar in de volksmond en in de kerk werd hij, zeker na het huwelijk van zijn ouders, gezien als een Jansen/Janssens.

Het vonnis van 28 april 1825 stelde uiteindelijk officieel vast dat hij op 3 mei 1799 was geboren. Hiermee werd de administratieve fout uit zijn jeugd hersteld en kon Hendrik eindelijk aan zijn eigen toekomst beginnen.


Geraadpleegde Bronnen


Meer weten over de doopakte?

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *